2
Black ice/Pexels

Los jij onze maandagpuzzel op? Raad het getal

We trappen de week op gang met een maandagpuzzel. Logisch nadenken is een must bij dit raadsel. Kan jij met slechts vier hints raden om welk getal het gaat?

Els en Jan hebben elk een ander getal in gedachten van 1 tot 9. Ze weten elkaars getal niet, maar beiden spreken altijd de waarheid en zijn een kei in logisch nadenken. Ze doen om beurten één uitspraak.

Els begint en zegt: “Ik weet niet wiens getal groter is.”

Jan zegt: “Ik weet niet wiens getal groter is.”

Els zegt: “Ik weet niet wiens getal groter is.”

Jan zegt: “Ik weet niet wiens getal groter is.”

Vraag

Welk getal heeft Jan in gedachten?

2

Oplossing

Jan denkt aan het getal 5.

Wanneer Els als eerste zegt dat ze niet weet wiens getal groter is – dat van haarzelf of dat van Jan – geeft ze een eerste aanwijzing prijs. Haar getal is niet 1 (want dan zou Jans getal groter moeten zijn) en niet 9 (want dan zou haar getal het grootst moeten zijn).

Jan – een kei in logisch nadenken – weet wat Els bedoelt. Hij herhaalt het statement en zegt dus dat zijn getal niet 1 of 2 is (want hij weet dat zijn getal dan het kleinst zou moeten zijn) maar ook niet 8 of 9 (want dan is zijn getal automatisch het grootst).

Els zegt opnieuw hetzelfde. Volgens dezelfde logica laat ze daarmee weten dat haar getal niet 1, 2, of 3 is, maar ook niet 7, 8 of 9.

Jan herhaalt voor een laatste keer dat hij nog steeds niet weet wie het grootste getal heeft: zijn getal is dus niet 1, 2, 3, 4, 6, 7, 8 of 9. Hij moet dus wel 5 hebben.

4 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.
  • Frankie Van Damme

    of ze horen allebei niet goed en herhalen steeds hetzelfde...

  • Patrick Verbelen

    Walter ik ga 't zeggen, het is 36

Lees meer