3 De strafrechtbank in Tongeren waar N. en R. zich samen met een derde mogelijke medeplichtige moesten verantwoorden.
Karolien Coenen De strafrechtbank in Tongeren waar N. en R. zich samen met een derde mogelijke medeplichtige moesten verantwoorden.

Man ontvoerd, geslagen en beroofd van 100 euro en nadien begraven op Mechelse Heide: “We konden hem toch niet op straat laten liggen”

N. (43) uit Genk en zijn kompaan R. (31) uit Hasselt reden op 19 september 2016 Marino Sborzacchi(52) uit Zonhoven met zijn scooter aan op de Watergrasstraat in Genk. Het slachtoffer werd in de auto gesleurd, incasseerde herhaaldelijk zware klappen en werd daarna achtergelaten in ’t Steegske in Genk, beroofd van de 100 euro die hij net uit de geldautomaat had gehaald. Later keerde N. terug en merkte dat de man overleden was. “We hebben geprobeerd om hem dan deftig te begraven in de Mechelse Heide, we konden hem toch niet op straat laten liggen”, beschreef R. (31) voor de strafrechter in Tongeren.

Een hallucinant verhaal. En eentje met een dodelijke afloop. Marino Sborzacchi (52) verdween op 19 september 2019 spoorloos nadat hij met zijn scooter werd aangereden en ontvoerd. Voor de strafrechtbank in Tongeren gaven hoofdbeklaagden N. en R. vandaag meer uitleg over wat er die dag precies gebeurde.  Ze waren er zelf  ‘nog altijd niet goed van’, gaven ze, vanop enkele meters afstand van de familie van het slachtoffer, toe. Ze zochten Marino op voor geld, klonk het bij R.. Het slachtoffer was naar verluidt zelf actief in het drugsmilieu en had naast een zware drugsverslaving ook een longaandoening. Een ‘gemakkelijk slachtoffer’, dachten ze nog want ‘de Italiaan was een illegaal en had geen familie’, of dat was hen toch zo meegedeeld.

3 Slachtoffer Marino Sborzacchi.
Marco Mariotti Slachtoffer Marino Sborzacchi.

Hoofd niet goed gebruikt

Opgefokt vertrokken de twee beklaagden op pad. “Ik wist niet wat precies de bedoeling was,” benadrukte R. “Eerst was ik er zelfs tegen en zei ik nog dat er andere manieren waren om financieel vooruit te komen, maar uiteindelijk was de druk te groot en ben ik met hem meegegaan.” De spanning liep al snel op. “N. was ook erg agressief in de auto toen we de man eerst kwijt raakten. Door de emotionele toestand maakten we niet meer goed gebruik van ons hoofd.” Daarna volgde de aanrijding. Marino Sborzacchi knalde met zijn scooter tegen het opengeslagen portier van de wagen van zijn belagers en viel op de grond. “Ik geef toe dat ik hem daarna met lichte kracht slagen op zijn helm heb gegeven, maar hij was nog fit daarna want hij trapte met zijn benen. Dat was verkeerd van mij maar het was een uitbarsting van emotie.” 

Astmapompje

Het slachtoffer werd in de auto gesleurd. Onderweg ging de toestand van de man al zienderogen achteruit. Ze stopten in ’t Steegske in Genk. Daar werd Marino met geweld uit de auto gehaald. “Ik denk dat N. toen met zijn knie op de hals of de borst van het slachtoffer zat. Ik riep nog dat hij voorzichtig moest zijn. Ik heb het astmapompje gevonden waarmee ik hem nog zuurstof kon geven.” Volgens R. en N. leefde de man nog toen ze hem in een zittende positie achterlieten in de steeg. “Hij was slaperig maar ademde nog.”

Ik kreeg een telefoontje dat de man overleden was en toen was ik helemaal in paniek. We hebben daarna geprobeerd om zijn lichaam op een deftige manier te begraven met werkmateriaal uit het tuinhuis van mijn buurman

Beklaagde R.

Later keerde N. terug. “Ik kreeg een telefoontje van N. dat de man was overleden,” ging. R. verder. “Ik was helemaal in paniek en kon het niet geloven. Mijn vrouw was op dat ogenblik acht maanden zwanger. N. had het idee om hem te begraven. Ik ben werkmateriaal uit het tuinhuis van mijn buurman gaan halen. Daarna zijn we naar de Mechelse Heide gereden en hebben we geprobeerd het lichaam op een deftige manier te begraven. We konden het toch moeilijk op straat laten liggen. Ik heb er echt spijt van dat ik met hem ben meegegaan.” Zijn plicht vond R. het om de waarheid te vertellen: “Dat kan in mijn nadeel zijn, maar het gaat hier wel om een mensenleven.”

Wiettentje

Met een blik van ongeloof luisterde medebeschuldigde N. schuifelend op de beschuldigdenbank naar het verhaal van R. Volkomen onzin noemde hij de versie van zijn kompaan, die eigenlijk ‘per ongeluk’ met hem mee was gegaan. “Ik heb die man niet aangeraakt!” Hij minimaliseerde zijn rol als chauffeur van de wagen. Of er dan geweld gebruikt werd in de auto door R., wilde advocaat Jan Keulen voor de familie van het slachtoffer verduidelijkt zien. “Ik heb dat nooit met 100% bevestigd.”

Ik wilde enkel de woonplaats van Marino kennen om er een wiettentje op te zetten

Beklaagde N.

N. wilde enkel de woonplaats van Marino kennen om er naar eigen zeggen een ‘wiettentje’ op te zetten. Het ging dus volgens N. niet om het geld. “Waarom moest het slachtoffer dan nog mee in de auto?”, confronteerde de strafrechter hem. “Omdat ik hem wat verder naar het ziekenhuis wilde brengen, maar daar was blijkbaar geen ziekenhuis meer.”

Volgens N. werd hij er ingeluisd. Door medekompaan R., die vreesde dat hij anders de zwaarste straf zou krijgen, maar ook door de politie. “De politie wil moordenaars van ons maken.” De afspraak was dat R. de bevalling van zijn vrouw nog zou meemaken, en dat ze daarna een en ander ‘hand in hand’ zouden gaan verduidelijken. Ook een derde veertiger uit Diepenbeek staat terecht omdat hij de twee als medeplichtige in de richting van Sborzacchi zou gewezen hebben maar de man betwist alles.

3 Het lichaam van het slachtoffer werd op 3 oktober 2016 gevonden op de heide van het Nationaal Park Hoge Kempen
Jimmy De Schrijver Het lichaam van het slachtoffer werd op 3 oktober 2016 gevonden op de heide van het Nationaal Park Hoge Kempen

Intentie om te doden

Het lichaam van Marino Sborzacchi (52) werd op 3 oktober 2016 opgegraven op de Mechelse Heide in Maasmechelen, uit een graf van 52 centimeter diep. Volgens Jan Keulen en Bert Partoens, de advocaten van de familie van het slachtoffer, hadden de twee wel degelijk de intentie om het slachtoffer te doden. Ze zien de zaak als een zuivere roofmoord terwijl de beklaagden nu terechtstaan voor ontvoering en diefstal met geweld met ongewild de dood tot gevolg. Volgende week geven ze hierover meer uitleg.

Vandaag riepen ze twee wetsartsen op als getuigen. “Het slachtoffer had een slechte medische conditie en was stevig onder invloed van drugs op het ogenblik van de feiten. “Maar hij heeft die avond nog op de bingo gespeeld, geld afgehaald aan de automaat en met zijn scooter gereden, dus hij was nog handelingsbekwaam,” stelde wetsarts Van den Boogaert. Er waren duidelijk tekenen van geweldpleging op het lichaam, zoals halsspierbloedingen aan beide zijden van de hals. “Maar het overlijden is niet onmiddellijk gevolgd op de geweldpleging op de hals want er was nog ademhaling nadien. Mijn inziens heeft het wel een significant aandeel betekent voor het overlijden van de al gewonde man.”

Donderdag 16 januari wordt de zaak verder gezet en zal de openbare aanklager een straf vorderen. Ook de advocaten van de verdediging komen dan aan het woord

Lees meer