Het Hasseltse gerechtsgebouw.
Borgerhoff Het Hasseltse gerechtsgebouw.

Coronaspuwer uit Leopoldsburg krijgt twee jaar cel, frietjeskoerier vrijgesproken voor corona-overtreding

De correctionele rechtbank van Hasselt heeft een coronaspuwer (22) uit Leopoldsburg bij verstek veroordeeld tot een celstraf van twee jaar. De man verloor, ter hoogte van het opvangcentrum, op 6 april in dronken toestand volledig de controle. Hij spuwde doelgericht naar vier agenten van de politie Kempenland. Een man die frietjes naar zijn neef wilde brengen, wordt dan weer vrijgesproken voor een corona-overtreding.

Op 6 april om 19.23 uur kreeg de politie Kempenland de melding dat een jonge twintiger in het centrum van Leopoldsburg de boel op stelten aan het zetten was. Hij was agressief tegenover andere bewoners en begeleiders van het opvangcentrum en vernielde de toegangsdeur van de refter. Toen de politie ter plaatse kwam, weigerde hij alle medewerking. 

De beklaagde schold de agenten uit en spuwde duidelijk in hun richting. Ook de zijruiten van het dienstvoertuig moesten eraan geloven. De agenten moesten pepperspray gebruiken om de twintiger een beetje in te tomen. Uiteindelijk hielp de politiehond in het bureel om hem te kalmeren. De rechtbank neemt de feiten zeer serieus en veroordeelt de beklaagde naast de celstraf ook tot een geldboete van 2.400 euro.

Frietjeskoerier vrijgesproken

Dat niet elke beschuldiging voor het overtreden van coronamaatregelen leidt tot zware straffen, blijkt dan weer uit de andere rechtszaak die op de correctionele rechtbank werd behandeld. Een 40-jarige man werd op 30 maart aangetroffen op de openbare weg in Peer. Ondanks een vluchtpoging via de berm, kon hij tot stilstand worden gebracht. Hij beweerde met zijn elektrische fiets frieten te brengen naar zijn neef.

De man weigerde vervolgens alle medewerking. Voor zijn agressief gedrag wordt hij bij verstek veroordeeld tot een celstraf van één jaar en een boete van 800 euro. Hij wordt echter vrijgesproken voor het overtreden van de coronamaatregelen. Volgens de rechtbank was het aannemelijk dat hij effectief voedsel ging brengen naar zijn neef en was er extra onderzoek vereist om hem te kunnen veroordelen voor die tenlastelegging.

Lees meer