Voormalig judotrainer in april voor de rechter wegens misbruik

Een voormalige judoleraar van de Topsportschool staat op 13 april terecht voor seksueel misbruik. "Maar hij had geen misdadig inzicht", verklaarde zijn advocaat Jef Vermassen eerder al.

In mei 2017 kwamen meerdere gevallen van seksueel misbruik in de judowereld aan het licht. Eén van de personen die beschuldigd werd van grensoverschrijdend gedrag, was trainer K.B. uit Opwijk. Een voormalige pupil van hem deed haar verhaal in de media. De inmiddels 22-jarige vrouw vertelde hoe ze op jonge leeftijd met judo begonnen was, en dat ze via K.B. naar de Topsportschool kon. Daar volgde ze tussen 2006 en 2012 les.


"Toen ik 13 à 14 jaar was, begon ik door te hebben dat hij meer van mij wilde", aldus het slachtoffer. "Hij zei me dat hij verliefd op me was. Dat was een schok... Geleidelijk aan ging hij verder, zowel op als naast de mat. Hij noemde me 'zoet', maakte seksueel getinte opmerkingen, raakte me aan,... Ik zat op internaat en elke maandag bracht hij me met de wagen naar de training. Op die momenten legde hij zijn handen op mijn knie, of probeerde hij nog verder te gaan." K.B. had thuis een eigen judozaal en zou ook daar herhaaldelijk over de schreef gegaan zijn.

Ultimatum

Op haar 16de, nadat het slachtoffer een Europese medaille gewonnen had, kwam het tot een confrontatie. Ze stelde K.B. voor een ultimatum: nog één aanraking en ze zou alles vertellen. Lang hield de man het echter niet vol, en na verloop van tijd noemde hij haar opnieuw 'zoet'. "Ik ben toen hysterisch van de mat gelopen. Ik heb niet alles verteld, maar genoeg om duidelijk te maken dat er iets aan de hand was."


K.B. mocht zelf ontslag nemen, maar later werd er alsnog een klacht ingediend. Hij bleek ook minstens twee andere meisjes misbruikt te hebben. Zelf reageerde hij nog niet op de beschuldigingen. "Hij had geen misdadig inzicht", verklaarde zijn advocaat Jef Vermassen eerder wel al. De zaak zou normaal gisteren behandeld worden, maar de verdediging had nog conclusies en nieuwe stukken neergelegd. Het parket en de burgerlijke partijen wilden die eerst inzien. Daarom werd de zaak uitgesteld naar 13 april. (WHW)

Lees meer