Gedeputeerde Inge Moors gaf de aftrap van de Week van de Korte Keten met een bezoek aan boerderij ’t Bakhuis in Sint-Martens-Voeren, waar de melk van eigen koeien verwerkt wordt tot boter, yoghurt en ijs.
RV Gedeputeerde Inge Moors gaf de aftrap van de Week van de Korte Keten met een bezoek aan boerderij ’t Bakhuis in Sint-Martens-Voeren, waar de melk van eigen koeien verwerkt wordt tot boter, yoghurt en ijs.

Limburgse boeren draaien 9 miljoen euro omzet in korte keten: “Maar grootste groep consumenten zet nog niet de stap naar lokale producent”

Van 4 tot 12 mei vindt in heel Vlaanderen de ‘Week van de Korte Keten’ plaats. Een week lang stellen lokale producenten en verschillende organisaties hun deuren open voor het grote publiek. Met verschillende activiteiten – streekmarkten, wandelingen, proeverijen, workshops en zelfs een introductie koeien melken – laten onze Limburgse land- en tuinbouwers hun bezoekers kennismaken met de oorsprong en kwaliteit van hun waren. Samen hebben ze één doel: de consument overtuigen vaker voor producten van eigen bodem te kiezen.

Vrijdag gaf gedeputeerde Inge Moors de aftrap van de Week van de Korte Keten met een bezoek aan boerderij ’t Bakhuis in Sint-Martens-Voeren, die de melk van hun eigen koeien verwerkt tot boter, yoghurt en ijs. Wie korte keten zegt, denkt aan hoeveverkoop. Ongeveer 87 procent van de aankopen binnen korte keten vinden plaats op het landbouwbedrijf zelf. Daarnaast worden ook de automaten, boeren- en streekmarkten en online verkoop steeds populairder. Inge Moors, gedeputeerde voor Landbouw: “De consument hecht vandaag veel belang aan verse, traceerbare en authentieke kwaliteitsproducten en kiest daarom steeds vaker bewust voor producten van eigen bodem. Tegelijk steunt hij hiermee de lokale economie en vermindert de voedselkilometers. Kopen in de korte keten is ook kiezen voor het persoonlijk contact met de producent en voor producten met een verhaal.”

Wind in de zeilen

Volgens de VLAM steeg de omzet van rechtstreekse verkoop op de hoeve met 3 procent, de omzet van de boerenmarkten piekte met een stijging van zelfs 43 procent in 2017. Voor Limburg betekent dit naar schatting een omzet van 9 miljoen voor een 350 landbouwers die actief zijn in de korte keten. Gemiddeld kopen een 18.000 Limburgse gezinnen via de korte keten en dit aantal neemt jaarlijks toe. Er is dus een positieve ontwikkeling, maar toch zet een grote groep consumenten vandaag nog niet de stap naar de lokale producent. Zij die wel kopen bij de producent, waarderen vooral het directe contact met de landbouwer, de versheid en de meerwaardebeleving. Voor een aantal producten zoals aardappelen is de lagere prijs op het landbouwbedrijf een extra reden om via de korte keten te kopen.

Eerlijke prijs

Ook voor de producent zijn er heel wat redenen om ervoor te kiezen hun producten via de korte keten aan te bieden. “Het zorgt voor een eerlijke prijs voor de eigen land- en tuinbouwproducten en de bijkomende bedrijfsactiviteit biedt de nodige zuurstof”, aldus Inge Moors. “Als provincie zetten we al jaren sterk in op de promotie van hoeve- en streekproducten onder meer door de streekproductenmarkt op Agricultura in Alden Biesen.” 

“Naast de drempelvrees die we met de Week van de Korte Keten wensen weg te nemen, blijkt ook dat het gebrek aan kennis van de verkooppunten een belangrijke barrière vormt om te kopen bij de producent zelf. Vorig jaar lanceerden we daarom een online platform www.limburgsmaaktnaarmeer.be waar Limburgse producenten van hoeve- en streekproducten samen gebracht zijn met hun persoonlijk verhaal, hun producten en een dynamische kaart met verkooppunten”, besluit Moors.

Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.

Lees meer