Heel wat gevangenen vallen onder een regime van elektronisch toezicht.
BELGA Heel wat gevangenen vallen onder een regime van elektronisch toezicht.

Gevangenen zitten steeds groter deel straf effectief uit

Gevangenen moeten een alsmaar groter deel van hun straf uitzitten voor ze voorwaardelijk vrijkomen. De verklaring ligt onder meer in het toenemende gebruik van de enkelband, melden de Concentrakranten. Minister van Justitie Annemie Turtelboom reageert tevreden. In De Ochtend op Radio 1 wees ze op het belang van strafdifferentiatie voor de overgang van gevangenis naar samenleving.

Gevangenen zitten nu gemiddeld 14,5 maanden langer in de gevangenis dan de datum waarop ze in principe voorwaardelijk vrij konden komen. Begin jaren negentig was dat 4 maanden.

Verklaring
De voornaamste verklaring is dat de strafuitvoeringsrechtbanken, die bestaan sinds 1 februari 2007, vaker beperkte detentie (in de dag werken buiten de gevangenis) en elektronisch toezicht (enkelband) toestaan als aanloop naar voorwaardelijke invrijheidstelling. Dat vertraagt de voorwaardelijke invrijheidstelling.

Voorts blijkt dat het aantal gevangenen dat hun straf volledig moet uitzitten, opnieuw toeneemt. In 2006 kwamen 342 gevangenen pas vrij nadat ze hun volledige gevangenisstraf hadden uitgezeten. In 2011 ging het al om 620 gevangenen.

Nieuwe gevangenissen
Turtelboom reageert tevreden, en wijst op de toenemende toevlucht tot de enkelband, beperkte detentie en thuisdetentie. "Een goede zaak. De overgang op het einde van de straf kan op een meer geleidelijke manier gebeuren", zo onderstreept de minister het belang van de herintegratie van gedetineerden in de samenleving.

Tegelijkertijd beklemtoont Turtelboom dat er nog steeds nood is aan extra gevangenissen. De bouw van drie nieuwe gevangenissen moet tegen 2014 1.500 nieuwe plaatsen opleveren. Ook zijn projecten gelanceerd om ervoor te zorgen dat korte celstraffen tot acht maand ook uitgevoerd worden.

Cijfers
De cijfers komen uit een studie over de strafuitvoeringsrechtbanken, uitgevoerd door twee onderzoekers verbonden aan het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC).

Lees meer