Een groot deel van de loonkloof is terug te brengen tot de ongelijke verdeling van onbetaalde arbeid, meent Zij-kant.
Shutterstock Een groot deel van de loonkloof is terug te brengen tot de ongelijke verdeling van onbetaalde arbeid, meent Zij-kant.

Vrouwenorganisatie Zij-kant voert digitale campagne om loonkloof te overbruggen

Vandaag, vrijdag 27 maart, is het Equal Pay Day. Tot die dag moeten vrouwen in ons land werken om hetzelfde te kunnen verdienen als het bedrag waarmee mannen vorig jaar afsloten. De loonkloof bedraagt gemiddeld 24 procent, zegt vrouwenorganisatie Zij-kant. Normaal vinden er op deze dag activiteiten plaats om de eis tot gelijk loon kracht bij te zetten, maar door de maatregelen tegen het coronavirus gebeurt de campagne nu volledig digitaal.

Iedereen wordt opgeroepen om online ambassadeur te worden door Equal Pay Day-boodschappen te posten op sociale media. Of door het Equal Pay Day-charter te tekenen.

Zij-kant baseert zich voor de loonkloof op berekeningen van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. Gemiddeld verdienen vrouwen 24 procent minder dan mannen. In de privésector is de kloof groter (28 procent) dan in de openbare sector (18 procent). Voor het eerst wordt ook gefocust op de inkomenskloof v/m bij zelfstandigen. 

Een groot deel van de loonkloof is terug te brengen tot de ongelijke verdeling van onbetaalde arbeid, meent de vrouwenbeweging. "Vooral de komst van kinderen zet vaak een rem op de carrière van vrouwen. Zo werkt bijna de helft van de vrouwen (44 procent) deeltijds, tegenover slechts één op de tien (11 procent) van de mannen. Deze deeltijds werkende vrouwen doen dat hoofdzakelijk -en veel vaker dan mannen- om zorgtaken op te nemen." Ook systemen als ouderschapsverlof, loopbaanonderbreking of tijdskrediet worden vooral door vrouwen gebruikt.

Bij zelfstandigen, die geen beroep kunnen doen op deze verlofsystemen, is er eveneens een grote loonkloof tussen mannen en vrouwen. Terwijl vrouwelijke onderneemsters op jonge leeftijd beduidend meer verdienen dan de mannen, keert deze trend zodra er kinderen komen. "Globaal spreken we van een inkomenskloof v/m van 31 procent bij de zelfstandigen in hoofdberoep, 11 procent bij de zelfstandigen in bijberoep en 49 procent bij de actieve gepensioneerden", aldus Zij-kant.

Vrouwen oververtegenwoordigd in slecht betaalde sectoren

Deeltijds werk is niet de enige bepalende factor. Zelfs als alle vrouwen voltijds zouden werken, zouden ze nog steeds 10 procent minder verdienen dan mannen, stelt Zij-kant vast. "Vrouwen zijn oververtegenwoordigd in ondergewaardeerde en slecht betaalde sectoren zoals de zorg of de schoonmaak; mannen in technische en lucratieve ICT- of STEM-jobs. Bovendien is slechts één op de drie managers een vrouw."

De organisatie roept beleidsmakers op om de definitie van 'voltijds werk' te herbekijken. "Er is een structureel probleem met de combinatie van werk- en zorgtaken. Een collectieve arbeidsduurvermindering voor alle sectoren en alle categorieën, met behoud van loon en bijkomende aanwervingen, garandeert een evenwichtige verdeling tussen werk en privéleven. Enkel als de maatregel voor iedereen geldt, hebben vrouwen evenveel kansen als mannen om een carrière uit te bouwen."

Andere elementen die de loonachterstand kunnen wegwerken, zijn een 100 procent vergoed zwangerschaps- en geboorteverlof of een hervorming van het ouderschapsverlof naar Zweeds model - waar beide ouders worden gestimuleerd om evenveel zorgtijd op te nemen. Tot slot is een correcte toepassing van de loonkloofwet van 22 april 2012 essentieel in de strijd naar loongelijkheid.

Lees meer