Beeld ter illustratie.
Getty Images Beeld ter illustratie.

Exclusief voor abonnees

Marie doneerde in het geheim een eicel aan haar collega: “Ik durfde het alleen per sms voorstellen. ‘Hey Greet. Wat als ik je nu eens een eicel zou geven?’”

Geheimen. We steken ze weg, houden ze stil, bewaken ze met ons leven. Redactrice Sabine Vermeiren luistert elke week naar een Vlaming die wél praat. Eén keer alles op tafel. En dan nooit meer. Vandaag: het hart van Marie (23) brak toen de laatste IVF-poging van haar twintig jaar oudere collega mislukte. Wilde Greet nog een kindje, dan moest ze bijna hopen op een wonder. Dat wonder werd Marie. Ze doneerde een eicel en deed zo twee weken geleden alsnog de grootste wens van haar collega uitkomen. Mama worden.

Ook een geheim? Mail naar Sabine.vermeiren@persgroep.be.

Het verhaal van Marie en Greet speelt zich af in een KMO, ergens in een Vlaamse provinciestad. Ze werken op dezelfde afdeling, in een overwegend vrouwelijk team. Maar wat niemand op de vloer weet is dat ze veel méér zijn dan collega’s. Marie en Greet hebben een geheim bondgenootschap voor het leven: was de ene er niet geweest, de ander had haar kinderwens moeten begraven. Het is Marie, die vertelt hoe dat zo is gekomen.

“Ik heb Greet leren kennen toen ik nieuw begon op het bedrijf. Ze was iemand die niet opviel. Een zachte, eerder stille vrouw. Ze had geen kinderen, wel een vriend. We scheelden wat in leeftijd en dus trokken we niet echt samen op. Dat is veranderd toen we op een avond met collega’s gingen bowlen. Achteraf zou je zelfs kunnen zeggen dat die paar uren mijn en haar leven veranderd hebben.”

“Er werd die avond gepraat over het moederschap. Ikzelf was enkele maanden zwanger op dat moment. Het was zo’n los, openlijk gesprek over het aantal kinderen dat ieder wilde. Eerst zei Greet niet zoveel. Maar plots begon ze te huilen. Ze had er een reeks IVF-pogingen opzitten, vertelde ze. Allemaal mislukt. Dokters wilden het nog een laatste keer proberen. Maar dan zou het ophouden want ze was al 43. Ik schrok. Ik had nooit geweten dat ze zo’n kinderwens had.”

“Na die avond hielden we contact, meer en intenser dan ervoor. We stuurden elkaar berichten en hadden het nog vaak over haar verlangen om mama te worden. Ik was waarschijnlijk één van de eersten waar ze een paar maanden later tegen vertelde dat ook die laatste IVF-poging mislukt was. Mijn hart brak. Het voelde allemaal zo oneerlijk: mijn eigen zwangerschap was onverwacht en eigenlijk wat te snel gekomen. En bij Greet, zij die het zó graag wilde, ging het niet? Dat klopte niet, vond ik.”

Allerlaatste optie

“IVF kon niet meer. De enige andere optie, hadden de dokters gezegd, was eiceldonatie. Ik kan niet zeggen dat ik er lang over heb moeten nadenken. Eiceldonatie was iets waar ik altijd al achter had gestaan. In mijn hoofd was het eigenlijk meteen duidelijk wat ik moest doen. Ik heb er nog dezelfde avond thuis over gepraat met mijn vriend. Of hij bezwaar had, wilde ik weten. Nee, dat had hij niet. Nu moest ik het enkel nog tegen Greet zeggen. Maar hoe? Dagenlang heb ik erover getobd. Ik vond de juiste woorden niet. Ik wist ook niet of ze ervoor openstond. Moest ik bellen? Moest ik haar een bericht sturen? Ik koos uiteindelijk voor het laatste. ‘Hey Greet. Ik zat te denken. Wat zou je ervan vinden als ik een eicel doneer? Je hoeft niet bang te zijn. Ik zal niks van je vragen en het is gewoon jóuw kindje.’” Meteen een berichtje terug. ‘Hey, hoe lief van je. Wat mooi dat je dit wil doen. Ik praat erover met mijn man.’ Nog eens twee weken later, en intussen ook een paar gesprekken verder, waren ze eruit: er zou een eiceldonatie komen.”

“Eenmaal in de fertiliteitskliniek is alles snel gegaan. We kregen medicatie opdat we samen zouden menstrueren. Met een hormonenbehandeling hebben dokters vervolgens m’n eicellen opgekweekt. Een heftige periode, herinner ik me. Ik was nog niet zo lang ervoor bevallen. En wéér die kliniek. Al die ritten, zo verwarrend. Ik moest m’n eigen kleintje achterlaten om er Greet één te kunnen geven. Maar ze was lief. Op de dag dat dokters m’n eicellen zouden oppikken, was ze de hele tijd bij me. Ik moest onder narcose. Was bang. ‘Toe, blijf bij me’, zei ik. Ze was de laatste die ik zag voor ik in slaap viel. We hielden elkaars hand vast.”

“In de dagen die volgden, probeerde ik niet teveel stil te staan bij wat er intussen in laboratoriums gebeurde. Het idee van mijn eicel samen met een zaadcel van Greets man voelde heel vreemd. Per slot van rekening kende ik hem niet eens zo goed. En nu maakten we samen, in een proefbuis, een kindje? Greet hield me de hele tijd op de hoogte. De dag waarop we zouden weten of de terugplaatsing goed was gelopen en of ze effectief zwanger was, was ik bloednerveus. Toen ze me stuurde dat het gelukt was, ben ik beginnen huilen. Ik was aan het werk, maar ben meteen naar buiten gelopen en heb haar gebeld.”

“Greet heeft me mee naar alle afspraken bij de gynaecoloog genomen. Het was mooi dat ze dat deed. Op elke echo zocht ik stiekem naar herkenning. Zag ik iets van mezelf? Of van mijn dochtertje? Tegen onze collega’s zei Greet dat ze na die laatste mislukte IVF-poging alsnog spontaan zwanger was geraakt. Ze wilde niet dat iemand ooit van de eiceldonatie zou weten. Tot op de dag van vandaag lukt dat. Op het werk beschouwt iedereen mij en Greet als gewone collega’s. Ze weten niet dat we buiten de uren zoveel contact hebben, laat staan dat haar baby verwekt is met mijn eicel. Dat is soms moeilijk. Ik moet moeite doen om niet door de mand te vallen. Niemand mag de connectie tussen ons zien. De enige mensen tegen wie ik ooit over de eiceldonatie heb verteld zijn, behalve mijn vriend, mijn moeder, mijn vader en mijn zus. Mijn moeder had het er eerst moeilijk mee. Mijn zus vond het geweldig. En mijn vader zei: ‘je geeft iemand het mooist denkbare kado.’”

“Tijdens de zwangerschap hebben Greet en ik veel gepraat. Over wat er zou komen. Hoe het ging worden. De angsten die ze had. ‘Ga ik het wel goed doen?’ Het is gek, maar ondanks ons leeftijdsverschil denk ik dat ze wel iets had aan me. Ik herkende haar worstelingen, kon goed naar haar luisteren. Op de dag van de bevalling - er stond een keizersnede gepland - wist ik met mezelf geen blijf. Ik zat te werken en mocht niks laten zien maar vanbinnen kon ik wel flauwvallen. Uiteindelijk ging daar toch een stukje van... míj het levenslicht zien, toch? Ik ben nog als een gek naar het ziekenhuis gereden om één laatste keer aan haar buik te voelen. Kort erna is hij geboren. Een jongetje. Ik ben meteen dezelfde avond gaan kijken. Mijn hart klopte in mijn keel toen ik de kamer binnen kwam. Ik probeerde zo normaal mogelijk te doen. Hij lag op haar borst. Ik kon zijn gezichtje eerst niet zien. Zó graag wilde ik weten of hij op me leek. Greet moet m’n ongeduld hebben gevoeld. Ze gaf hem even aan mij. Zo lief van haar. Ik geloof trouwens niet dat ik grote gelijkenissen zag met mezelf. Ik zie er vooral de papa in. Dat is maar goed. Het zou lastiger zijn als ik naar een evenbeeld van mezelf of mijn dochtertje keek.”

“Greet heeft me gevraagd of ik meter wil zijn van haar kindje. Dat wil ik heel graag. Ik had gehoopt dat er zo’n vraag zou komen. Ik ben vaak bang geweest dat ze me misschien op een dag uit haar leven zou willen.. Nu weet ik dat zoiets nooit zal gebeuren. Ik wil een goeie, aanwezige meter zijn. Ik hoop ook op tijd voor ons twee alleen. Zodat ik hem eens kan vastnemen. En kan fluisteren ‘dag m’n kleintje’.’

“Het is nu twee weken geleden dat Greet mama is geworden. Toen ze nog in de kraamkliniek was, bezocht ik haar elke dag. Nu is dat moeilijker. Ik hoor haar dagelijks maar ik wou soms dat het meer was. Ik heb het daar best lastig mee. Dat kleintje, ik ben er elke minuut van de dag mee bezig. Het doét mentaal wel wat met je. Greets kindje is dan ook niet ‘zomaar’ een baby’tje. Ik snak ernaar om het te mogen vasthouden. Toch voel ik geen jaloezie wanneer dat eens niet kan. Als ik zie hoe Greet hem knuffelt en op welke manier ze hem kusjes geeft, zie ik dat het goed zit. Ze heeft het kindje aanvaard als ‘honderd procent van haar’. Ik heb haar dat tijdens de zwangerschap ook steeds op het hart gedrukt: jíj draagt het, jíj voedt het, het is jóuw kindje. Als ik kijk naar hoe Greet het doet, ben ik fier. Ik zou het niet beter kunnen.”

“Het blijft een raar idee dat er, buiten mijn gezin, een kindje is waar ik in zekere zin de mama van ben. Als ik Greets man zie, schiet het wel eens door mijn hoofd. ‘Wij hebben samen een kind’. Maar dat slaat nergens op. Hij is een pak ouder dan mij, ik zou nooit op hem kunnen vallen. Ik probeer gewoon naar hem te kijken zoals ik ervoor deed. En dan zie ik een zachte, zorgzame man, stille man die houdt van z’n lieve vrouw.”

“Of het kindje ooit zal weten wie zijn meter écht is? Dat weet ik niet. Ik heb het daar met Greet nooit duidelijk over gehad. Dat vind ik weleens jammer. Ik heb soms het gevoel dat we de moeilijkste gesprekken uit de weg gaan. Terwijl ik daar wel net nood aan heb.”

“Ik ben trots op mezelf om wat ik gedaan heb. Maar ik weet ook: er zal nooit een tweede eiceldonatie komen. De fysieke risico’s zijn te groot. Ik had m’n eigen vruchtbaarheid kunnen verliezen en dat offer wil ik niet brengen. Ik heb ook de mentale impact onderschat, weet ik nu. Je geeft niet ‘zomaar even’ een eicel weg. Het gaat om een leven. Dat raakt je tot in het binnenste van jezelf.”

“Ik kan zeggen dat ik door die eiceldonatie een gelukkiger mens ben geworden. Toen de dokter in de fertiliteitskliniek m’n eicellen wegnam zei hij tegen Greet: ‘Je zou voor haar een standbeeld in de tuin moeten zetten’. Ik denk nog vaak aan die woorden. Sinds ik zelf een dochtertje heb, weet ik dat het moederschap het mooiste is dat er bestaat. De glimlach van je kind, daar doe je álles voor. Greet ging dat gevoel nooit kennen. Ik ben blij dat ik het haar gegeven heb.”

Lees hier nog meer verhalen uit de reeks Mijn geheim.

Inge heeft openlijk een relatie op het werk: “Seks met mijn lief, seks met mijn man. Maar nooit op dezelfde dag”

Aïsha (18) gaat trouwen achter de rug van haar ouders: “Na een tijdje hebben we ook gevrijd met elkaar. Binnen mijn geloof mag dat eigenlijk niet”

Rudy ging 1.200 keer op prostitueebezoek: “Voor elke keer gemiddeld 100 euro. Reken maar uit”

1 reactie

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.
  • Roger Koppens

    Ik begrijp eigenlijk totaal niet wat hier zo geheimerig aan moet zijn. Wat kan dit nu een ander schelen? Dit gaat toch niemand anders aan? Moet dit absoluut geheim gehouden worden voor iemand? Ik begrijp dat niet.

Lees meer