Sylvia Van Driessche
Filip Van Roe Sylvia Van Driessche

Exclusief voor abonnees

Sylvia Van Driessche: “Dat eeuwige jongetje in Jelle vind ik heerlijk”

De zoektocht naar balans en hun gezinsgeluk

Ze voeden samen Ellis (10), Flynn (7) en Aster (3) op, leiden een chaotisch gezinsleven en gaan allebei voluit voor hun carrière: Jelle De Beule als acteur, Sylvia Van Driessche als auteur. Lees hier het interview met Sylvia en klik op de link onderaan voor het interview met Jelle. 

Na een lange carrière bij Joepie ligt jouw focus nu op het schrijven van boeken. Is dat een droom die uitkomt?

“Dat is inderdaad een droom, een die ik lang niet durfde toe te geven aan mezelf. Ik wilde altijd voor tijdschriften werken. Daarna wou ik hoofdredacteur worden – dat is allemaal gelukt: ik werkte dertien jaar voor Joepie, waarvan vijf als hoofdredacteur. Boeken schrijven was iets dat er na een tijdje ‘bij kwam’, maar mezelf schrijfster noemen vond ik wat gek. Maar eerlijk? Ik vind het geweldig: ik mag een hele dag vluchten in een fantasiewereld. Daarnaast doe ik nog graag interviews, om weer wat ‘normaal’ te worden. (lachje)”

Je bent een ambitieus beestje.

“Absoluut. Dat is mijn natuur. Toen ik met Jelle begon – een student animatiefilm met lang haar – wist ik wat ze tegen hem gezegd hadden op het KASK: ‘Je zal nooit werk hebben.’ En ik dacht: dat is goed. Ik zal wel werken, dan kan Jelle thuisblijven. Maar dat is dus een beetje anders uitgedraaid. (lacht) Wij vinden beide dingen even belangrijk: onze job en ons gezin. Het is een constante evenwichtsoefening, maar ze lukt vrij goed. Ik ben blij dat Jelle thuis mee de handen uit de mouwen steekt.”

Sinds begin dit jaar werken jullie allebei van thuis uit. Marcheert dat?

“Absoluut. We spelen niet langer elke dag drie uur kwijt in de file en toch doen we allebei de job die we graag doen. Een paar jaar geleden hadden we een au pair uit Australië bij ons inwonen. Ik had dat toen echt nodig: twee zoontjes en een baby aan de borst en allebei een fulltimejob. Mensen hebben van au pairs soms een verkeerd beeld. Ik kreeg de opmerking: ‘Wil je je eigen kinderen dan niet opvoeden?’ Alsof ik daar niet meer mee bezig was. Ik had net méér tijd voor hen. Onze au pair was een noodzaak – en ik sluit niet uit dat we het ooit opnieuw doen –maar zoals het nu gaat, is het ook fijn. De kinderen zijn blij dat we bijvoorbeeld altijd samen eten. Tegelijk zien ze dat hun ouders allebei heel graag werken. The best of both worlds. Van negen tot vijf werken op een vaste plek is niet meer van deze tijd. Jelle schrijft thuis een scenario en combineert het met acteerwerk. Ik schrijf thuis boeken (voor jongvolwassenen, en is nu bezig aan haar eerste ‘volwassen’ roman, red.) en af en toe ga ik op reis voor een reportage.”

En kan jij dan zeggen: “Schat, ik ben weg, regel het!”

“Ik maak er een punt van om gewoon te vertrekken. Hij kan koken, hij kan de kinderen aankleden – ik leg geen hoopjes kleren klaar: ik aanvaard dat hij het anders doet dan ik – en hij kan een was insteken. Enfin. Dat laatste heeft wel eventjes geduurd. Ik was ooit voor mijn job in L.A. en dacht: die wasmand thuis zal intussen bomvol zitten. Er zijn vast geen propere onderbroeken en kousen meer. Ik kwam thuis en wat had hij gedaan? Hij had nieuw ondergoed en nieuwe kousen gekocht. (lachje)”

Hij heeft beloofd dat hij meer boodschappen gaat doen.

“En staat dat zwart-op-wit in zijn interview, hier in NINA? Fantastisch. Bedankt. (lacht) Ik had inderdaad aangegeven dat het soms wat veel werd. Een time-manager raadde me aan om regelmatig met het gezin te vergaderen, zoals je dat op je werk zou doen. Daardoor voelen ook de kinderen zich meer betrokken. ‘Wat zouden jullie kunnen doen na school?’, vragen we dan. Ze mogen mee beslissen en dat vinden ze tof. Daarna loopt dat weer een hele tijd vlot. Ook voor Jelle en mij is het verhelderend. Want ik wil niet elke keer ‘de zaag’ zijn. Beter is het om alle werkpuntjes op te lijsten, te bespreken en samen de oplossing te zoeken.”

Waar heb jij bijvoorbeeld een hekel aan?

“The mystery of the missing sock. Ik had onlangs twee bakken vol eenzame sokken. Dat kan toch niet?”

Wat voor mama ben je?

“Ik hoop vooral dat de kinderen, ondanks mijn strengere kantje, altijd heel open over alles durven te praten met mij. Dat is mijn grootste focus. Een vriendin met liefdesproblemen zei ooit tegen me: ‘Leer je twee jongens alsjeblieft babbelen, dat zal later tof zijn voor hun vrouwen.’ Ik wil niet hun ‘vriendin’ zijn, ik ben hun mama en ik moet streng zijn, en praktisch. Maar daarnaast ben ik open-minded. Onze jongste van zeven vroeg onlangs hoe dat zat met kindjes maken, en ik heb dat allemaal uitgelegd. Open en bloot. Ik hoop dat dat het leuke aspect aan mij zal zijn. Want ik zal niet snel zitten spelen met de kinderen. Na al het organisatorische heb ik daar meestal geen goesting of energie meer voor. Ik vind dat zelf jammer.”

Jelle to the rescue?

(knikt) “Jelle speelt doodgraag met de kinderen. Hij is een geboren opvoeder. Ik herinner me een verjaardagsfeest van mijn nichtje dat vier werd. Mijn zus had veel te veel kindjes uitgenodigd: er liepen twintig kleuters rond in haar living. Een en al chaos. Mijn eerste reactie was: ‘Bel Jelle, bel Jelle.’ Hij kwam daar toe en geen vijf minuten later zaten al die kindjes in een kringetje rond hem: hij was allerlei dierengeluiden aan het nadoen.”

Heb jij behoefte aan orde in huis?

“Ik ben daar nogal chill in. Tot het onoverzichtelijk wordt. Op zo’n moment moet je er even met de grove borstel door. Maar elke dag alles spic en span? Dat is niet mijn doel. A clean house is a sign of a wasted life.”

Zou je kunnen tekenen voor een partner die niet meehelpt?

(snel) “Nee. Ik moet mijn eigen ding kunnen doen. Zowel wat werk en persoonlijke ontwikkeling betreft, maar ook in mijn sociale leven. Mijn codewoord is evenwicht. Tijd voor mezelf? Ik heb dat nooit laten vallen. Zelfs toen de kindjes nog baby’s waren zei ik: ‘En nu ga ik uit met mijn vriendinnen.’ Af en toe wil ik eens uitbreken. Jelle is daar minder goed in, die is graag thuis. Die gaat niet naar elke première of feestje. Maar om terug te komen op je vraag: ik zou niet kunnen samenzijn met iemand die de klassieke rollen wil. De man werkt, de vrouw blijft thuis? Oei, nee. Daar ben ik te ambitieus voor. Ik zou er volledig op afknappen, ik zou die niet meer graag kunnen zien. Ik vind het net heel mannelijk, en aantrekkelijk, een man die helpt in het huishouden.”

Wat weet je nog van jullie eerste ontmoeting?

“We woonden allebei in Zele en ik kende Jelles zus van op café. Toen ze een feestje gaf voor haar zestiende verjaardag ontdekte ik dat ze een tweelingbroer had. Die avond zei een vriendin: ‘Die broer hééft wel iets, kom, we gaan die feliciteren.’ Dus ik stapte op hem af: een jongen met zo’n baggy broek waar de boxershort bovenuit komt. Zo verlegen was hij die avond overigens niet. Zijn kus was opvallend dicht bij mijn lippen. Ik weet nog dat ik dacht: amai, die durft. (lacht) Hijzelf schrok toen hij vernam dat ik bijna vijf jaar ouder was, maar ik vond ons leeftijdsverschil net interessant. Jongens van mijn eigen leeftijd vonden zichzelf de meest interessante wezens op aarde en bij Jelle was dat net omgekeerd. We hadden gemeenschappelijke interesses. Ik vertelde dat ik een boek aan het lezen was over het leven van Cleopatra. En hij: ‘Oh, en ik heb net de biografie van Julius Caesar uit.’ Jelle heeft toen ook ons jeugdhuis getekend en geschilderd, en dat was zo goed gedaan dat ik onder de indruk was. We zijn stilletjesaan naar elkaar toe gegroeid. Ik heb nog twee jaar gewacht tot hij legal was. (lacht) En dan: ‘Hallo, hoe zit dat nu met ons?’ Van zijn kant zou het niet gekomen zijn.”

Wat is volgens jou het geheim van een lange relatie?

“Evenwicht. Genoeg dingen apart, genoeg dingen samen. Blijven babbelen. En het is ook vriendschap, natuurlijk. Ik heb me altijd voorgenomen: ik ga nooit tegen Jelle zeggen ‘je mag dit niet, en dat niet’. Je moet elkaar iets gunnen. Ik leg hem niet onder de sloef. Jelle is niet mijne kleine. Ik denk ook niet dat je te romantisch moet zijn. Ik bestel mijn eigen bloemen online, ik zit niet te wachten tot mijn vent dat doet. In mijn tienertijd hoorde ik verhalen van jongens die rozenblaadjes op iemands bed gesmeten hadden, en toen al dacht ik: maar dat hou je toch nooit heel je leven vol? Dat kan alleen maar naar beneden gaan. Dus begin er beter niet mee en doe maar een beetje normaal van in het begin.”

Jelle is blijkbaar niet zo goed met verjaardagscadeaus.

(lacht) “Meestal vraagt hij de dag zelf: ‘Wat wil je nu voor je verjaardag?’ Maar als hij iets koopt, zomaar, is het er altijd boenk op. Voor onze huwelijksverjaardag gaan we een paar dagen weg zonder kinderen. Zo’n korte vakantie doet deugd: je komt weer wat dichter bij elkaar, als in een roesje, alsof je weer pril verliefd bent.”

Wat maakt dat hij het is voor jou, voor altijd?

“Het totaalpakket. Ik kan me niemand voorstellen die aan hem kan tippen. En omgekeerd ben ik er redelijk gerust in ook. Als hij knappe vrouwen ziet op tv, zijn die altijd tien jaar ouder dan ik. Hij valt op een soort wijsheid. (denkt na) Hij heeft ooit een telefoonnummer gekregen: ‘Bel mij eens.’ Hij kwam daar mee thuis en gaf dat aan mij. ‘En wat moet ik daarmee doen?’, vroeg ik. (lacht) Ik denk dat Jelle het heel dikwijls niet ziet of opmerkt. Dan zegt hij: ‘Die was met mij aan het flirten. Dénk ik.’ Ik zeg weleens als grap: ‘Als je je kan verbeteren, moet je dat vooral doen.’ Ik heb erg veel vertrouwen in hem. In ons. Al ben ik niet naïef: het kan altijd fout lopen. Ik interviewde ooit zangeres Anouk, en die zei: ‘Ik wou niet uit elkaar gaan met de vader van mijn kinderen, maar die kwam op een dag thuis, de hemel viel op mijn kop: hij vertrok.’ Dat kan altijd gebeuren.”

Wat voor partner ben je zelf?

“Goh. (roept naar Jelle: “Wat voor partner ben ik?” Jelle: “Ik vond dat ook moeilijk om op te antwoorden. Ik heb gewoon iets uit mijn botten geslagen.”) Goed, daar ben ik dus niks mee. (lacht) Ik denk vooral dat je samen evolueert, maar dat ik onderweg altijd oog blijf hebben voor hem. Dat ik een loyale partner ben.”

Hij spreekt diepe bewondering uit voor jou...

“Ik weet het. En die bewondering is wederzijds. De manier waarop hij in het leven staat. Hoe hij met ons gezin omgaat, hoe hij zich niet verliest in zijn werk. Hij laat niet overal zijn ego strelen, hij is daar totaal niet vatbaar voor. Mensen hebben vaak een verkeerd beeld. Ze vinden hem hard, terwijl hij vooral zachte kanten heeft. Hij is de grappigste man die ik ken. Onlangs zag ik Hugh Grant op tv en ik zei tegen Jelle: ‘Dat is de enige vent die ik ooit geïnterviewd heb die een beetje in jouw buurt komt.’ Jelle produceert niet de hele tijd humor, integendeel, maar als hij goesting heeft, kan hij een hele tafel een hele avond doen lachen. Ik ben ook zo trots als ik hem bezig zie met de kinderen. Zij krijgen het voorbeeld van een papa die betrokken is. En die kan koken. Als er pannenkoeken gebakken moeten worden, weten ze: we moeten bij papa zijn. Ik heb één keer cupcakes laten aanbranden, en mijn zoon zei: ‘Mama je hebt heel hard je best gedaan maar ik ga het je niet nog eens vragen.’ Ik kan ook naar Jelle kijken en denken: amai, hij ziet er goed uit. Hij blijft dat kapoenachtige hebben, dat eeuwige jongetje in hem vind ik heel aantrekkelijk. Hij heeft zijn eigen onschuld, en de puurheid van zijn karakter, weten te bewaren. Hij heeft zich niet laten zot maken door volwassenheid, en alle fakeness die daarbij komt kijken. Heerlijk is dat.”

Heerlijke woorden, Sylvia. Het interview met Jelle lezen? Klik hier. 

Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.

Lees meer