Vader A. en zoon Y. kwamen samen met hun advocaat naar de strafrechtbank in Tongeren
Mine Dalemans Vader A. en zoon Y. kwamen samen met hun advocaat naar de strafrechtbank in Tongeren

“Hij plantte het mes in mijn buik. ‘Pa, wat doet ge nu?’, zei ik”: vader riskeert zeven jaar cel, maar zoon laat hem niet vallen

Op 26 september 2016 stak vader A. (64) uit Bree zijn zoon Y. zonder aanleiding neer met een groot slagersmes. “Met een verwarde blik plantte hij dat mes in mijn buik. Ik zei: ‘Pa, wat doet ge nu?’. Het bloed gutste uit mijn buik.” Vader A. riskeert zeven jaar cel, maar herinnert zich niets meer van de feiten. Zoon Y. loopt ook nu nog bijna dagelijks langs bij zijn vader om te kijken of alles goed gaat met hem. 

Na een zware echtscheiding kampte vader A. met een chronische depressie. Hij nam medicatie en in combinatie met alcohol leidde dat geregeld tot problemen. Volgens zijn kinderen is de man manipulatief en komt hij wel vaker agressief uit de hoek. Zoals twee weken voor de feiten, toen dochter M. zag hoe vader A. zijn zoon al dreigde te steken met een schroevendraaier. Toch was zoon Y. de enige van de vijf kinderen die pa nog kwam opzoeken. Vader hielp zijn zoon af en toe ook wat met zijn financiën, want die had hij mede door zijn drugsgebruik niet altijd onder controle. Zwaar onder de indruk getuigde zoon Y. over wat er op 26 september 2016 gebeurde. “Ik wilde zoals altijd de hondjes uitlaten. Hij kwam naar me toe. Die blik in zijn ogen zal ik nooit vergeten. Plots plantte hij zonder aanleiding dat mes in mijn buik. Ik zei: ‘pa, wat doet ge nu!’ Ik heb luid om hulp geroepen. Het bloed gutste uit mijn buik en ik voelde het leven uit mij stromen… het was een kwestie van minuten.” Y. legde zich neer op het voetpad en belde met zijn laatste krachten nog zelf de hulpdiensten, want dat wilde zijn vader niet doen. “Mijn pa heeft mij neergestoken, in mijn buik, met een groot mes.” Het slachtoffer verkeerde een tijd in levensgevaar en verbleef op intensieve zorgen. Daar moest hij verschillende operaties ondergaan. De messteek had zijn maag, pancreas en dunne darm doorboord en de buikslagader geraakt.

Ik kan mij er niets meer van herinneren. Het enige wat ik kan bedenken, is dat hij tegen het mes moet gelopen zijn

Vader Y.

Zelf tegen het mes gelopen

Toen de hulpdiensten ter plaatse kwamen, stond vader A. in de tuin. “Het was zelfverdediging,” klonk het eerst. Nadien volgden nog verschillende andere verklaringen. Zoon Y. was aan een nagel blijven hangen. Of hij was zelf tegen een aardappelmesje aan gelopen, dat hij toevallig in zijn hand had omdat hij een appel wilde schillen. Hij zou eerst zelf klappen gekregen hebben van zijn zoon, omdat hij er onverzorgd bijliep. De strafrechter confronteerde hem met de bewijzen uit het dossier. Zoals het bebloede slagersmes met daarop zijn DNA, dat in zijn woning werd gevonden. “Ik kan mij er niets meer van herinneren,” getuigde vader A. gelaten. “Het enige wat ik kan bedenken, is dat hij tegen het mes moet gelopen zijn.”

Bedoeling om te doden

Openbare aanklager De Schutter vorderde een celstraf van zeven jaar voor opzettelijke doodslag. “De ene messteek, negen centimeter diep, met een mes van 15 centimeter was wel degelijk potentieel dodelijk. Hij neemt een groot mes, steekt iemand in de buik, ziet een grote bloedvlek en hoort zijn zoon vragen om een ambulance, maar doet niets. Hij had dus wel degelijk de bedoeling om hem te doden.” De raadsman van A. spreekt dit tegen. Er ontstond die dag een conflict tussen vader en zoon, dat uit de hand liep. Die waren er in het verleden, door de jarenlange drugsverslaving van de zoon, ook al vaker geweest. En dat hij zich niets van de feiten herinnert, kan volgens de advocaat kloppen als hij de steekpartij verdringt. Hij vroeg de feiten te herkwalificeren naar slagen en verwondingen, waar een veel lagere straf op staat. Hij benadrukte wel dat een goede psychosociale begeleiding van de man noodzakelijk zal blijven.

Ondanks de zware feiten, blijft Y. zijn vader nog bijna dagelijks opzoeken. Al hoopt hij dat pa eindelijk inziet wat hij gedaan heeft. Na de afsluiting van de rechtszaak pakte vader A. zijn zoon vriendschappelijk bij de schouder. “Ik zou niet weten waarom ik dat een levend wezen, laat staan een van mijn kinderen zou aandoen”, had hij even voordien in zijn laatste woord nog meegegeven. Vonnis op 4 april.

Lees meer