Het Deerlijkse bedrijf Osta Carpets.
Foto Henk Deleu Het Deerlijkse bedrijf Osta Carpets.

Monsterboete voor miljoenenfraude

BEDRIJFSLEIDERS OSTA CARPETS OVERWEGEN IN BEROEP TE GAAN

De eigenaars van het Deerlijkse Osta Carpets, zijn gisteren door de rechtbank in Gent veroordeeld tot 2,5 jaar cel, waarvan twee jaar met uitstel en 600.000 euro boete voor grootschalige fraude. De broers Dejager hebben jarenlang miljoenen euro's zwart geld niet aangegeven. Ze moeten daarom ook elk ongeveer 10 miljoen euro verbeurdverklaring betalen. Luc en Johan Dejager overwegen in beroep te gaan.

Dat meldt hun advocaat Walter Van Steenbrugge: "Ik denk wel dat er beroep zal volgen omdat het juridisch niet kan dat er gestolen bewijsmateriaal gebruikt wordt voor een strafzaak. De rechter vertelde deze morgen dat de Belgische politie niks onrechtmatigs gedaan had, maar ik stel mij daar toch juridisch vragen bij."


Het gesjoemel kwam in 2006 aan het licht toen een ex-werknemer van grootbank Liechtenstein Global Trust de bankgegevens van 1.400 buitenlanders doorspeelde aan de Duitse overheid. Die gegevens, waaronder die van de broers Dejager, kwamen zo bij de fiscus en het gerecht terecht. Op basis daarvan startte het parket een onderzoek, waaruit bleek dat de familie jarenlang heel wat zwart geld vergaarde.

Fictieve commissielonen

Ze gingen hierbij volgens het parket op drie manieren te werk. "In een eerste fase werden fictieve commissielonen aan zichzelf betaald in het belastingparadijs Hongkong", legde de procureur tijdens de behandeling uit.


De Belgische staat heeft zo'n 3,3 miljoen euro misgelopen. "In een andere fase werden facturen, die bestemd waren voor Amerikaanse klanten, omgeleid via Cyprus. Zo maakten de broers 7,7 miljoen euro winst en ging er 7,5 miljoen euro naar hun persoonlijke rekening. Overfacturatie. was de derde methode Er werd bewust te veel gefactureerd aan Osta Carpets. Zo konden de broers meer aangeven aan de belastingen. Het bedrag dat te veel werd gefactureerd, werd dan onder tafel terug gegeven aan het bedrijf.


De tapijtfabrikanten investeerden geld in een villa in Marbella en in kunst en boeken. Ze bekenden vrij snel, maar wees eveneens in de richting van het beurshuis Petercam en het advocatenkantoor Tiberghien. Die hadden hen financieel advies gegeven. Daarom vervolgde het parket de broers, Petercam en Tiberghien voor witwassen van zwart geld en schriftvervalsing bij het opstellen van het regularisatiedossier.


Petercam stond niet terecht omdat het beurshuis had zijn straf afgekocht. Het advocatenkantoor kreeg 120.000 euro boete, jurist Rik D. 3 maanden cel met uitstel en 6.000 euro.

Minnelijke schikking

De verdediging van de broers overweegt in beroep te gegaan. "Er is geen beroepsverbod opgelegd zoals gevorderd door het openbaar ministerie, maar de gevangenisstraf hangt wel als een zwaard boven het hoofd", zegt advocaat Walter Van Steenbrugge. Als de broers Dejager in beroep gaan tegen het vonnis, kunnen ze opnieuw beginnen onderhandelen met het openbaar ministerie over een minnelijke schikking.


Indien ook de uitspraak van het hof van beroep de gebroeders Dejager niet bevalt, kunnen de veroordeelden naar het Hof van Cassatie stappen.


Zolang er geen definitief cassatiearrest gevallen is, kunnen de verdachten en het openbaar ministerie nog altijd onderhandelen over een minnelijke schikking.

Lees meer